Uitleg Terugspelen Keeper
Beste ZFB’ers,
Veel spelers en ook veel scheidsrechters hebben kennelijk moeite met de uitleg van onderstaande spelregel, namelijk het meevoetballen/terugspelen op de doelverdediger. Daarom volgt hier nog een korte en hopelijk duidelijke uitleg:
Het artikel in de spelregels:
Door de doelverdediger
Voor de doelverdediger geldt hetzelfde als voor de veldspelers (m.u.v. het niet spelen met de handen), met dien verstande dat hij, nadat de bal de doellijn is gepasseerd, deze opnieuw in het spel brengt middels een doelworp, met één of twee handen (Zie hoofdstuk 14 de doelworp).
Het vanuit de handen wegtrappen van de bal is niet toegestaan.
Nadat de doelverdediger zijn doelworp heeft voltooid, mag hij de bal niet meer met zijn handen beroeren (dus ook niet meer binnen zijn doelgebied), tenzij een tegenstander de bal het laatst heeft geraakt of de bal de middenlijn heeft gepasseerd en/of er sprake is van een doelpoging, waarbij hij de bal afweert en deze binnen zijn eigen doelgebied blijft. Medespelers mogen vanuit elke punt binnen het speelveld op hem terugspelen, mits de doelman de bal daarna niet met de handen beroerd. Hij mag de bal pas weer met de handen beroeren dan wel vastpakken als minimaal een tegenstander de bal heeft geraakt of de bal minimaal een keer de middenlijn heeft gepasseerd. Het meevoetballen van de keeper is dus toegestaan.
Toelichting:
De keeper mag de bal dus na een doelworp ten alle tijden met de voeten spelen nadat hij deze weer in het spel heeft gebracht. Hij mag de bal echter pas weer in de handen nemen als de bal of minimaal één keer de middenlijn heeft gepasseerd en/of de bal minimaal één maal door een tegenspeler is geraakt. Met andere woorden de bijzondere regel voor de keeper, namelijk dat hij zijn handen mag gebruiken binnen zijn doelgebied is alleen van toepassing bij een doelworp, bij een doelpoging en bij een terugspeelbal, echter dan alleen als de bal één maal over de middenlijn is geweest en/of door een tegenspeler is geraakt. Voor de rest mag hij gewoon meevoetballen en dan maakt het niet meer uit van waar hij door een medespeler wordt aangespeeld. Het uit de handen wegtrappen van de bal is bij een terugspeelbal; dus ook niet toegestaan. Heeft hij b.v. de bal in de handen genomen na een terugspeelbal, mag hij deze vervolgens binnen drie seconden weer op de grond laten vallen en met de voeten verder spelen. Is de bal dus minimaal één keer over de middenlijn geweest en/of door een tegenspeler aangeraakt mag hij de bal gewoon weer met de handen pakken in zijn doelgebied. Ook als hij b.v. zelf al voetballend weer zijn doelgebied in loopt.
Namens het bestuur,
Peter Soeters
